Sla navigatie over
Fietsexcursie Congres Duurzame Mobiliteit

Oproep bij congres Duurzame Mobiliteit: ga aan de slag!

21 mei 2026

Thema Deelmobiliteit

Thema Duurzame mobiliteit

Wat wil je bereiken, wat kun je doen en vooral: hoe begin je? Tijdens het Congres Duurzame Mobiliteit in Utrecht draaide alles om die vragen. Graag nemen we je mee in een uitgebreid terugblikverslag én een aftermovie met een korte recap en sfeerbeelden van het congres.

Beleidsmakers, onderzoekers en overheden spraken open over netcongestie, gedragsverandering, bestuurlijke blokkades en de weerbarstige praktijk. Hoogleraar Giuliano Mingardo hield de sector een spiegel voor, terwijl praktijkvoorbeelden uit onder meer Zoetermeer lieten zien hoe plannen wél kunnen werken. In dit verslag lees je meer over de stap van ambitie naar uitvoering.

Villa Jongerius

De vierde editie van het Congres Duurzame Mobiliteit begon dinsdag 12 mei al vroeg in de monumentale Villa Jongerius in Utrecht. Vanaf negen uur stroomde het markante zalencomplex vol met beleidsmakers, mobiliteitsadviseurs, onderzoekers, verkeerskundigen, communicatieprofessionals, provinciale medewerkers, wethouders, consultants en vertegenwoordigers van vervoersorganisaties.

Ja, de belangstelling was groot. Net als vorig jaar zat het congres volledig vol en werd gewerkt met een wachtlijst. Dat zegt toch iets over het moment waarin Nederland zich bevindt. Overheden voelen de druk van klimaatdoelen, woningbouw, netcongestie, personeelstekorten en een steeds voller mobiliteitssysteem. Tegelijk groeit het besef dat de transitie niet meer draait om nóg een visie of beleidsdocument, maar om de vraag hoe je daadwerkelijk aan de slag gaat.

Precies daarom koos CROW voor het thema ‘Van papier naar uitvoering’. Dagvoorzitter Guy Hermans - teamleider bij CROW - verwees in zijn inleiding naar de vele plannen die er in den lande zijn. Hoe zorg je ervoor dat beleid niet in de la belandt? Welke maatregelen werken echt? Wie moet je betrekken? En hoe organiseer je bestuurlijke slagkracht in een tijd waarin ruimte, geld en draagvlak steeds schaarser worden?

Daarbij ging het dus niet alleen over techniek of infrastructuur, maar ook over gedrag, samenwerking, sociale ongelijkheid, bestuurlijke moed en politieke realiteit. Dat maakte deze vierde editie opvallend inhoudelijk en volwassen.

‘Meeste mensen zijn niet dom’

Maar ook prikkelend. Want de eerste keynote kwam van Giuliano Mingardo. Hij is hoogleraar stedelijke mobiliteit en parkeren aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en staat bekend om zijn kritische blik op mobiliteitsbeleid, parkeernormen en gedragsverandering.

Mingardo kwam meteen met een ontnuchterende kernboodschap: 'De meeste mensen zijn niet dom.’ Daarmee bedoelde hij dat mobiliteitsgedrag vaak rationeler is dan beleidsmakers denken. Mensen gebruiken de auto niet omdat ze irrationeel zijn, maar omdat die voor hun situatie vaak de meest logische keuze blijft.

Hij liet grafieken zien over autobezit, reisgedrag en vervoerskeuzes waaruit bleek dat veel gedragspatronen in Nederland verrassend stabiel zijn gebleven. Ondanks alle aandacht voor deelmobiliteit, mobiliteitshubs, STOMP-principes en MaaS-concepten blijft de auto stevig aanwezig in het dagelijks leven van Nederlanders.

Volgens Mingardo moeten beleidsmakers oppassen voor hypes en modetermen. "Het is niet dat het woord mobiliteitshub ineens alle problemen oplost", zei hij halverwege zijn verhaal.

Zijn bijdrage werkte bijna als een realitycheck voor de sector. Hij plaatste vraagtekens bij buzzwoorden als ‘15-minute city’ en waarschuwde voor overschatting van beleidsinstrumenten. Tegelijk was zijn verhaal geen pleidooi tégen verduurzaming. Integendeel.

Juist omdat gedrag moeilijk verandert, moeten overheden beter begrijpen waarom mensen doen wat ze doen. Goede alternatieven zijn daarbij essentieel. Hij gaf voorbeelden uit Tilburg waar mensen met lagere inkomens in het centrum minder vaak een auto bezitten, omdat voorzieningen dichtbij zijn en alternatieven beschikbaar zijn.

Niet moraliteit maar praktische bruikbaarheid bepaalt uiteindelijk veel gedrag. Zijn keynote zette daarmee de toon voor een dag waarin realisme, uitvoerbaarheid en menselijk gedrag voortdurend terugkeerden.

Politieke keuzes in Den Haag

Daarna volgde een bijdrage van Bart Muller van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Waar Mingardo vooral vanuit gedrag en wetenschap sprak, liet Muller zien hoe ingewikkeld de bestuurlijke werkelijkheid in Den Haag momenteel is. Het minderheidskabinet Jetten 1 is immers net van start en het is afwachten wat die samenwerking ons gaat opleveren.

Bart Muller

Daarbij schetste hij de context van klimaatdoelen, netcongestie, politieke keuzes en financiële beperkingen. Er klonk opvallend veel pragmatisme door. Elektrificatie blijft volgens het ministerie noodzakelijk, maar tegelijk erkende Muller dat de auto niet zomaar uit het straatbeeld verdwijnt.

Netcongestie noemde hij een van de grootste uitdagingen van dit moment. Elektrische mobiliteit vraagt immers enorme investeringen in infrastructuur en energievoorziening. Ook ging hij in op politieke spanningen rond accijnzen, fiscale maatregelen en subsidies.

Want hoe lang gaat de energiecrisis duren en welke schade kunnen we opvangen en wellicht compenseren? Ondanks alle goede bedoelingen is de toekomst best onzeker, schetste Muller.

Na de pauze verspreidden de deelnemers zich over tientallen deelsessies. Het aanbod was breed. Er waren sessies over publieke mobiliteit, klimaatadaptatie in de ASVV, goederenvervoer, bezoekersmobiliteit, autoluwe wijken, samenwerking tussen overheden, voetgangersbeleid, mobiliteit in gebiedsontwikkeling en de toekomst van bereikbaarheid.

Andere sessies gingen juist over gedrag en sociale vraagstukken, zoals mobiliteit rond levensgebeurtenissen of mensgerichte mobiliteit. De rode draad bleef steeds dezelfde: hoe maak je duurzame mobiliteit uitvoerbaar in de praktijk? Opvallend was dat technologie nauwelijks centraal stond. Geen futuristische smart city-verhalen of zelfrijdende auto’s, maar vooral gesprekken over samenwerking, ruimteverdeling, gedrag, bestuurlijke barrières en financiering.

In veel sessies kwam dezelfde worsteling terug. Gemeenten en provincies willen wel verduurzamen, maar lopen tegen beperkingen aan. Netcongestie, regelgeving, versnipperde verantwoordelijkheden, gebrek aan personeel en politieke gevoeligheden maken uitvoering lastig.

Tegelijk werd duidelijk dat de mobiliteitstransitie allang niet meer alleen over verkeer gaat. Mobiliteit raakt wonen, gezondheid, sociale inclusie, energie, economie en leefbaarheid. Juist daardoor groeit de behoefte aan domeinoverstijgend samenwerken. Het congres bood daarvoor volop voorbeelden, discussies en ontmoetingen.

CO₂-reductie provincies en gemeenten

Een van de meest besproken sessies ging over de rol van decentrale overheden in de mobiliteitstransitie, verzorgd door CE Delft. Onderzoeker Denise Hilster liet zien hoeveel CO₂-reductie provincies en gemeenten theoretisch kunnen beïnvloeden en waar de grootste knelpunten zitten.

Op papier zijn veel maatregelen effectief, maar in de praktijk blijkt uitvoering vaak ingewikkeld. Ook hier geldt: financiële beperkingen, gebrek aan regelgeving, bestuurlijke afwegingen en netcongestie zorgen ervoor dat ambities regelmatig worden afgezwakt of uitgesteld.

Vooral haar uitleg over de verschillen tussen theoretisch potentieel en praktische uitvoerbaarheid maakte indruk. Een maatregel kan op papier uitstekend werken, maar alsnog stranden op regelgeving, gebrek aan laadinfra of politieke weerstand.

Interessant was ook haar analyse van de verschillende rollen van overheden. Europa en het Rijk hebben directe invloed via normen, belastingen en subsidies. Gemeenten en provincies hebben vooral invloed via ruimtegebruik, vergunningen, infrastructuur en samenwerking.

Daarmee werd opnieuw duidelijk hoe complex de mobiliteitstransitie eigenlijk is. Het gaat niet om één grote knop waaraan gedraaid kan worden, maar om een netwerk van partijen die elkaar nodig hebben. Hilster benadrukte dat samenwerking, structurele financiering en een integrale aanpak essentieel zijn. Niet alleen CO₂ telt, zei ze impliciet, maar ook leefbaarheid, gezondheid en bereikbaarheid.

Samenwerkende overheden

Een andere inspirerende sessie ging over samenwerking tussen overheden, verzorgd door adviesbureau Berenschot. Daar stond de vraag centraal hoe verschillende bestuurslagen elkaar kunnen versterken.

De twee sprekers lieten zien dat provincies op papier misschien minder directe macht hebben dan gemeenten of het Rijk, maar via omgevingsverordeningen, subsidies en concessies toch veel invloed kunnen uitoefenen.

Tegelijk werd duidelijk hoe ingewikkeld die samenwerking soms is. Verschillende belangen, politieke kleurverschillen en uiteenlopende prioriteiten maken duurzame mobiliteit vaak tot een bestuurlijke puzzel.

De sessie had een sterk bestuurskundig karakter, maar bleef opvallend praktisch. De sprekers gebruikten voorbeelden uit provincies en regio’s waar mobiliteitsprogramma’s wel of juist niet van de grond kwamen.

Daarbij werd veel gesproken over ‘handelingsruimte’: hoeveel ruimte heeft een overheid eigenlijk om zelf keuzes te maken? Interessant was dat het gesprek niet alleen over regels ging, maar ook over cultuur en leiderschap. "Vergeet niet je bestuurder in te zetten", riep adviseur Rogier Beenders de toehoorders op.

Met andere woorden: blijf de samenwerking zoeken en gebruik wat er binnen je mogelijkheden ligt. Soms ligt de oplossing niet in nieuwe beleidsinstrumenten, maar simpelweg in mensen die besluiten om dóór te pakken. Daarmee sloot deze sessie mooi aan op het overkoepelende thema van de dag.

Fietsexcursie door Utrecht

Gemeente Utrecht nam deelnemers mee op excursie langs de bijzondere ingrepen die de stad de afgelopen jaren heeft gedaan. Van slimme herinrichtingen van straten tot groene oases waar eerst steen de boventoon voerde — onderweg werd zichtbaar hoe keuzes in ontwerp en beleid het dagelijks leven in de stad verbeteren.

De groep fietste langs vernieuwde pleinen, duurzame mobiliteitsoplossingen en verrassende ontmoetingsplekken. Met de wind in de haren en de trapondersteuning die het nét wat comfortabeler maakte, was er alle ruimte om te kijken, te luisteren en vragen te stellen.

Deelnemers lieten zich inspireren door de verhalen achter de veranderingen en ontdekten hoe Utrecht bouwt aan een toekomstbestendige, leefbare en bruisende stad — van dichtbij, gewoon vanaf de fiets.

Fietsexcursie

Sociaal busproject Zoetermeer

De meest menselijke en concrete sessie was misschien wel die over ‘De Opstap’ in Zoetermeer. Daar werd verteld hoe een nieuwe busverbinding ontstond voor slecht bereikbare wijken, gecombineerd met een sociaal project voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt.

Wat begon als een ingewikkeld beleidsdossier groeide uit tot een daadwerkelijk rijdende buslijn. De sprekers Wilco Bos (Haskoning) en Sandra Leenders (werkbedrijf De Binnenbaan) vertelden openhartig over de barrières die ze onderweg tegenkwamen: wetgeving, bestuurlijke twijfel, financiering en praktische problemen. Juist doordat ze niet bleven hangen in eindeloze voorbereiding, kwam het project uiteindelijk van de grond.

Bijzonder aan deze sessie was dat mobiliteit hier direct verbonden werd aan sociale inclusie. Chauffeurs stroomden vanuit uitkeringen door naar betaald werk en groeiden soms zelfs door richting grotere vervoerders. Tegelijk bleek hoe belangrijk kleine praktische lessen zijn.

Zo werd de bestickering van de bus aangepast, omdat vrouwelijke reizigers zich onveilig voelden doordat niemand van buiten naar binnen kon kijken. Ook werd duidelijk hoe kwetsbaar zo’n pilot blijft. Eén bus, beperkte middelen, nog weinig reizigers. Maar juist die kwetsbaarheid maakte het verhaal geloofwaardig. Hier werd zichtbaar hoe uitvoering er écht uitziet: rommelig, lerend, zoekend, maar concreet.

‘Geen woordjes, maar daadjes’

Na een lange dag vol sessies en discussies sloot ‘bewegingsbouwer’ Arieke van Liere het congres af. Zij geniet bekendheid als Klimaatburgemeester van Zeeland en haar keynote had een totaal andere toon dan de technisch-bestuurlijke bijdragen eerder op de dag.

Waar daarvoor vooral gesproken was over beleid, infrastructuur en bevoegdheden, gaf Van Liere aandacht aan emotie, verbeelding en burgerinitiatieven. Ze sprak eerlijk over onze crisisvermoeidheid (‘van klimaat tot wonen’) en riep de zaal op om vooral zelf in beweging te komen. ‘Geen woordjes, maar daadjes’, aldus Van Liere.

Ze liet zien hoe verhalen, experimenten en lokale initiatieven soms meer impact kunnen hebben dan dikke beleidsstukken. Met voorbeelden uit Zeeland en daarbuiten maakte ze duidelijk dat duurzame mobiliteit ook een cultureel en sociaal vraagstuk is.

Op een enthousiaste manier wist ze een beetje ‘fun’ aan het serieuze gesprek te verbinden. Organiseer bijvoorbeeld een Pricknick (afvalprikken en daarna samen eten), een Global Housewarming (gesprekken bij je thuis over het klimaat), een Fucked Up Night (‘om flops te bespreken, want daar leer je veel van’). Kijk niet alleen naar systemen, maar ook naar mensen, was haar boodschap. Ga naar bushaltes, luister naar bewoners en betrek burgers actief bij veranderingen.

In het verlengde daarvan gaf Van Liere ook concrete ideeën mee voor 21 mei – Fiets naar je Werk Dag. Hoe maak je duurzame mobiliteit zichtbaar, meetbaar en leuk?

Top 3 ideeën:

  1. Fiets je arbeidsvoorwaarde bij elkaar
    Laat het totaal aantal gefietste woon-/werkkilometers bepalen hoe hoog de fietsvergoeding in 2027 wordt.
  2. Fietsfeest in de parkeergarage
    Verander de parkeergarage in een feestelijke fietsgarage met discolampen, dj, ontbijt en een mobiele fietsenmaker. Collega’s fietsen over een finishlijn naar binnen en worden als helden ontvangen.
  3. BikeBus met directeur voorop
    Een gezamenlijke fietstocht naar kantoor waarbij onderweg collega’s aansluiten. Het managementteam en de directeur fietsen voorop; van de rit maken we een aftermovie.

Daarmee sloot zij het congres af op een hoopvolle en activerende manier. Kort gezegd: niet alleen plannen maken, maar doen.

Aan het eind van de middag stroomde de zaal langzaam leeg richting de borrel, waar de gesprekken verder gingen. Een belangrijk onderdeel van het programma, want dit soort congressen zijn ook bedoeld om te netwerken en te ontmoeten.

Voor deelnemers zijn de presentaties van de verschillende sessies en keynotes te downloaden via de eventapp.

Congres Duurzame Mobiliteit in 2027

Wie er volgend jaar bij wil zijn, doet er verstandig aan zich op tijd aan te melden. Ook deze editie zat volledig vol. De volgende editie van het Congres Duurzame Mobiliteit vindt plaats op 20 mei 2027.

U kunt deze inhoud niet zien vanwege de cookievoorkeuren.

Delen via